Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

Vraag van de maand

Onmiddellijk na het afronden van zijn studies in 2013, begint Tim als bediende te werken bij het softwareontwikkelingsbedrijf Hardsoft NV. Sinds 2015 wordt Hardsoft NV geconfronteerd met tegenvallende verkoopcijfers, waardoor zij in 2017 genoodzaakt is om haar activiteiten te herstructureren en, onder andere, te snoeien in haar personeelsbudget.

In het kader van deze herstructurering wordt Tim op 1 september 2017 met onmiddellijke ingang ontslagen. Op dat ogenblik bedraagt zijn bruto jaarloon 90.000,00 EUR, wat net iets meer is dan de 87.500,00 EUR die hij in 2016 verdiende. In principe heeft Tim recht op een opzeggingsvergoeding gelijk aan 3 maanden en 13 weken loon ten bedrage van 45.000,00 EUR bruto, alsook op outplacementbegeleiding ter waarde van het wettelijke maximumbedrag van 5.500,00 EUR.

Hardsoft NV besluit om, in ruil voor het outplacementaanbod dat zij aan Tim heeft gedaan en dat zij voor hem zal bekostigen, gebruik te maken van de wettelijke mogelijkheid om een bedrag gelijk aan 4 weken loon ten bedrage van 6.923,08 EUR bruto aan te rekenen op de opzeggingsvergoeding.
Tim vindt het niet eerlijk dat het bedrag dat op zijn opzeggingsvergoeding wordt aangerekend hoger is dan de waarde van de outplacementbegeleiding die hij zal krijgen. Hierop eist Tim dat Hardsoft NV het aan te rekenen bedrag beperkt tot de waarde van het outplacement.

Moet Tims eis worden ingewilligd door Hardsoft NV?