Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

Zit het mobiliteitsprobleem tussen onze oren?

Zit het mobiliteitsprobleem tussen onze oren?

Alle elementen zijn aanwezig om het mobiliteitsprobleem in ons land met een minimum aan inspanningen op te lossen. Individu, bedrijf en overheid zijn de drie partijen die de sleutels in handen hebben. Wat goede wil en een portie lef is al wat het vraagt.

Onze experten

Aan de rondetafel van HR Magazine zitten zeven experten. Jan Buytaert (Havenbedrijf Antwerpen), Dominique Hennus (Realdolmen), Henri Kympers (Talentsoft), Michail Willems (Willis Towers Watson), Lieve Michiels (SD Worx), Tine Van Hecke (Hudson) en Wim De Smet (Securex) starten een gedachtewisseling over mobiliteit in Vlaanderen. Al na enkele minuten staat hogergenoemde conclusie op papier. Maar zo simpel is het natuurlijk niet. Dat bewijzen onder andere de recente cijfers over mobiliteit. De fiets gaat er wat op vooruit, maar ook de wagen of bedrijfswagen is meer in trek en het openbaar vervoer blijft status quo of gaat achteruit. Zo lossen we de files niet op.

Het bestaande toepassen

Onze experten zijn het snel roerend met elkaar eens. De drie betrokken partijen in het mobiliteitsvraagstuk zijn het individu, het bedrijf en de diverse spelers bij de overheid. Het individu heeft de oplossing meestal zelf in de hand. Werknemers dienen door werkgever of overheid aangezet te worden om bewust hun keuze te maken. Bedrijven moeten hiervoor de handen in elkaar slaan, want de oplossingen zijn voorhanden. Iets nieuw uitvinden is niet nodig, alleen moeten bestaande oplossingen maximaal toegepast, desnoods opgedrongen worden aan het individu.

Er is geen alleenzaligmakende oplossing. Bedrijven horen maximaal mogelijkheden aan te bieden en het voorbeeld te geven. En laat de overheid haar verantwoordelijkheid opnemen. We gaan op zoek naar meer toelichting bij deze beweringen.

Ommezwaai in onze hoofden

Dominique Hennus (Realdolmen) gelooft dat mobiliteit bij jezelf begint. Dat brengt ons bij de eerste sleutel: het individu. “Voor mij zit het mobiliteitsprobleem tussen de oren van mensen. Toen ik ging solliciteren, deed ik dat met de trein om te zien of dat haalbaar was. Er werd met mij gelachen omdat men dacht dat ik het geen maand zou volhouden. Maar ik doe dat nu al vijf jaar lang elke dag. Ik moet toegeven dat daar een ommezwaai in mezelf voor nodig was. Daarom beweer ik ook dat het probleem in het hoofd van mensen zit. Een genuanceerde combinatie moet voor velen mogelijk zijn. Vandaag met de fiets en het openbaar vervoer, morgen met de auto en overmorgen auto en openbaar vervoer. Heel wat mensen wonen, zoals ik, op een plek die gemakkelijk toetaat te kiezen voor een openbaarvervoertraject, maar nemen toch elke dag de wagen. Mensen denken te vaak: laat de ander het maar oplossen en zich aanpassen.”

Tine Van Hecke (Hudson) is het met deze stelling eens: “Het individu wordt in deze discussie te vaak als slachtoffer gezien. Maar je kiest zelf waar je gaat werken en wonen en hoe je dat doet.”

Rol levensfase

Henri Kympers (Talentsoft) wijst op het belang van de levensfase van het individu. "Toen ik in Gent werkte, ging ik met de fiets want ik kon douchen op het werk en de afstand was haalbaar. Vandaag woon ik nabij familie en verder van het werk opdat mijn kinderen dicht bij de opvang zouden zijn. Om hen op te halen en omdat het traject moeilijk is voor het openbaar vervoer, kies ik voor de wagen. Waar de ene mailt op de trein, voer ik mijn gesprekken in de wagen. Zo bespaar ik ook tijd. Maar ik geef toe dat de wagen een luxemiddel is. Toen ik in Dublin bij LinkedIn werkte, had amper tien procent van de expats een wagen om hetzelfde werk uit te voeren waarvoor mensen hier massaal de wagen gebruiken. Het kan dus steeds beter en het zal ook moeten. Vandaag staan we overal stil en geraken we onze steden niet meer binnen.”


Waag je aan alternatieven

Lieve Michiels (SD Worx) gelooft in de oplossing van individueel tijds- en plaatsonafhankelijk werk. Je moet het individu de kans geven een bewuste keuze te maken. Daarbij moet je als werkgever de werknemer helpen, wat ons meteen bij de tweede sleutel brengt. “Geef werknemers waar ze behoefte aan hebben. Het gaat over hun mobiliteit. In ons bedrijf moeten wij eerst en vooral zelf het voorbeeld geven. Onze directieleden proberen te vergaderen op plaatsen die bereikbaar zijn voor het openbaar vervoer. Ze zoeken plekken waar teleconferentie mogelijk is en komen ernaartoe met trein of bus. Dat is voor het bedrijf waardevol. Mensen hebben dat voorbeeld nodig. In een land waar de auto koning is, moet je die stappen durven te zetten. We vragen dan ook aan wie een wagen heeft om er niet eenzijdig mee om te springen, maar zich te ‘wagen’ aan combinaties met alternatieve manieren van werken en verplaatsen.”

Elke dag de best passende keuze

Voor Tine Van Hecke (Hudson) draait veel om flexibiliteit: “Om de switch bij de medewerker te ondersteunen, moeten we inzetten op flexibiliteit. Meteen overschakelen van bedrijfswagen op openbaar vervoer of fiets lijkt voor velen onoverkomelijk. Op bepaalde dagen kiezen voor een alternatief voor de wagen en daar niet (financieel) voor afgestraft en liefst aangemoedigd worden, lijkt al een belangrijke stap om de weerstand te overwinnen. Ondersteun mensen om dagelijks telkens de best passende keuze te maken voor hun verplaatsing op dat moment. Dat is beter dan ze in hun mobiliteitsbudget voor het komende jaar of zelfs meerdere jaren te doen kiezen tussen wagen of (elektrische) fiets of openbaar vervoer. Om de drempel te verlagen en de overstap te vereenvoudigen, zijn gedeelde oplosingen aangewezen, zoals een gedeeld wagenpark en bedrijfsfietsen, waarvan medewerkers ad hoc gebruik kunnen maken.”

Collectief vervoersysteem

Over de vraag hoe bedrijven de mobiliteit van hun werknemers kunnen stimuleren, belanden we bij Jan Buytaert (Havenbedrijf Antwerpen). “De haven van Antwerpen is een uitgestrekt gebied met bijna geen openbaar vervoer. Bedrijven zochten naar manieren om dat euvel op te lossen en medewerkers tot bij hen te krijgen. Een aantal ondernemingen hebben een eigen bussysteem opgezet en samen met de Maatschappij Linkerscheldeoever hebben we, met de steun van de Vlaamse Overheid, het open collectief vervoersysteem Pendelbus Haven van Antwerpen opgestart. Vandaag kunnen bedrijven weer de beste profielen aanwerven, ongeacht of de kandidaten over een eigen wagen beschikken, omdat het bedrijf bereikbaar is via collectief vervoer.”

Efficiënt thuiswerkdagen inplannen

Onze experten rond de tafel menen dat bedrijven de opdracht hebben om allerlei initiatieven uit te werken. Regelen van vervoer van en naar het werk is er een van. Een ander voorbeeld, duidt Michail Willems (Willis Towers Willis), is het aanbieden van tele- en thuiswerk. “Ik zie heel wat bedrijven daar inspanningen voor leveren. Thuiswerken vergt echter een vertrouwensrelatie met de werknemer. Vandaag evolueren de mogelijkheden verder in de richting van binnendiensten. Het kan dus voor heel wat mensen en het vergt zelfdiscipline.”

Toch ziet Dominique Hennus (Realdolmen) nog vaak dat mensen niet per se op de dagen met statistisch de langste files thuis willen werken. Lieve Michiels (SD Worx) wijst erop dat het de plicht is van een bedrijf om mensen op dergelijk gedrag aan te spreken en afspraken te maken over een efficiënte inplanning van thuiswerkdagen.

Meer openheid voor verandering

De derde sleutel tot de oplossing is de overheid. Er is al heel wat gebeurd, maar er zijn nog stappen mogelijk en nodig, meent Wim De Smet (Securex). “Ondernemers in de stad zien alleen nog maar zware problemen. Er lijkt geen pasklaar antwoord te zijn. Steden moeten zich herorganiseren, het is tijd om te herbronnen.”

Voor Michail Willems heeft de burger niet steeds begrip voor de oplossingen waar die steden naar zoeken: “Mensen zijn heel behoudsgezind, zeker als het op de wagen aankomt. Ik denk maar aan het mobiliteitsplan in Gent. Toen de burgemeester dat voorstelde, ging iedereen aan het fluiten zonder het een kans te geven. Mensen staan over het algemeen niet open voor verandering en zien eerder bedreigingen dan opportuniteiten.”

Moed tonen

De overheid zal op een bepaald moment de moed moeten hebben om pijnlijke beslissingen te nemen, vooral wat de wagen en bedrijfswagen betreft, denkt Michail Willems. “Het probleem van de bedrijfswagen zal pas opgelost worden als mensen dat meer in hun geldbeugel voelen. Vandaag zijn zij immers zo goed als immuun voor alle genomen maatregelen. Duurdere brandstof voelen ze niet door de tankkaart. Extra taksen worden ofwel betaald door de werkgever ofwel geneutraliseerd door de leasingmaatschappij. Naast de bedrijfswagens is het nodig de bestuurders van andere voertuigen, die het merendeel van het Belgische wagenpark uitmaken, nog meer te sensibiliseren zodat ze worden aangezet om op zoek te gaan naar positieve alternatieven.”

Mobiliteitsbuget?

Dominique Hennus (Realdolmen) merkt op dat de bedrijfswagens wegnemen het probleem niet zal oplossen. “De betrokkenen gaan toch niet allen plots voor de fiets, de bromfiets of de trein kiezen?” Lieve Michiels (SD Worx) vraagt zich af hoe realistisch het is om met een mobiliteitsbudget te werken voor wie zijn bedrijfswagen opgeeft. “Hoeveel mensen zullen dan plots fundamenteel switchen? Wie al een bedrijfswagen heeft via de partner of wie hem niet nodig heeft ... Ga dan een stuk verder en laat de overheid ambitieus genoeg zijn om een ontradend kader te ontwerpen en tegelijk ervoor te zorgen dat er alternatieven zijn.”

Naar een gezamenlijke oplossing

Wim De Smet (Securex) ziet enkel een oplossing als de verschillende partijen samen rond de tafel gaan zitten: “Het is fout dat elk bedrijf, elke politieke partij, elk stukje overheid de eer wil opeisen om het probleem op te lossen. Ondertussen gebeurt er niets. Ook wij als bedrijven moeten niet met de eer willen gaan lopen, maar gezamenlijk een oplossing zoeken. De drie betrokkenen – werknemer, bedrijf en overheid – moeten elkaar dringend terugvinden en de zenuwbanen moeten hersteld worden. We kunnen niet zonder elkaar.”

Auto is geen gouden kalf

Wim De Smet (Securex) krijgt ook het laatste woord in de discussie: “We moeten dringend ons gedrag veranderen en we moeten af van de auto als gouden kalf, want de alternatieven en oplossingen zijn legio. Het is belangrijk dat we met zijn allen – bedrijven én overheid – onze angsten overwinnen en met alle partijen rond de tafel gaan zitten. Het is cruciaal dat politici de handen in elkaar slaan en een algemene oplossing uitwerken. Niet tegen elkaar, maar met elkaar, en zonder het gecompliceerd te maken. Zo’n oplossing zou voor veel verse zuurstof zorgen. Ik heb er alvast goesting in om het met veel lef samen met andere partijen te regelen. Dat zou toch fantastisch zijn?”


TIP 1

Organiseer ontbijt voor wie met de fiets komt
Jan Buytaert (Havenbedrijf Antwerpen) merkt op dat er nog veel vooroordelen bestaan. “Een duwtje in de rug is af en toe nodig, zowel bij de werknemer als bij bedrijven die nog niet inzetten op mobiliteit. We hebben samen met Alfaport-Voka dialoogsessies georganiseerd in de haven om bedrijven te informeren over de aankomende werken, samen na te denken over oplossingen en bedrijven elkaar te laten inspireren. Vanuit het Havenbedrijf willen we het goede voorbeeld geven en proberen we creatief te zijn. Zo organiseren we bijvoorbeeld ontbijt voor wie met de fiets naar het werk komt. Dat lijkt op het eerste gezicht banaal, maar het overtuigt mensen om de wagen eens aan de kant zetten.”


TIP 2

Geef mensen tijd om te veranderen
Initiatieven om de mobiliteit te verhogen, zijn geen luxe, meent Dominique Hennus (Realdolmen). “Volgens een recente bevraging zou liefst 54 procent van de medewerkers van werk veranderen indien ze dichter bij huis konden werken.” Mensen reageren inderdaad soms niet zoals wij het verwachten, stelt ook Wim De Smet (Securex) vast. “Wij zoeken naar mogelijkheden om werk op andere manieren en plaatsen te organiseren. Dit geeft de medewerkers meer en andere mogelijkheden om hun werk te plannen. Maar niet iedereen is daar gelukkig mee. Sommigen hebben, terecht, tijd nodig om een nieuwe manier van werken te creëren. We laten medewerkers toe om thuis te werken, of via telewerk, op de trein, in mobiele centra en daarbovenop bieden we nieuwe technische middelen aan. Indien we dit proces niet goed begeleiden, kan je mensen hierdoor echt in de problemen brengen en dat is natuurlijk niet de bedoeling. Veerle Michiels (SD Worx) kent het verschijnsel: “Je moet als bedrijf duidelijk grenzen trekken en die kenbaar maken aan de medewerkers.”


TIP 3

Inspireer elkaar en deel verhalen
Mobiliteitsoplossingen vergen creativiteit. Lieve Michiels (SD Worx): “Laat je werknemers ervaringen en verhalen van anderen horen. Als bedrijf moet je faciliteren en je werknemers inspireren. Deel de voorbeelden met elkaar, leer oplossingen van elkaar en spreek als werkgever onderling met elkaar. Zoek met je medewerkers naar een kader, zodat ze niet verloren lopen. Geef ze instrumenten en oplossingen en ondersteun ze in het gebruik ervan.”

Jan Buytaert (Havenbedrijf Antwerpen) stimuleerde op een heel eigen manier het carpoolen: “We hingen een kaart uit van al onze medewerkers die een soortgelijk werkregime hebben, in elkaars buurt wonen en met de wagen komen. Onze suggestie? Ga na met wie je de wagen kunt delen. Daar komen geen negatieve reacties op, integendeel, mensen komen oplossingen zoeken.”