Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

Voorbij het moeras van meningen

Voorbij het moeras van meningen

Het treurige fenomeen ‘fake news’ heeft minstens de verdienste dat het ons herinnert aan het belang van op feiten gebaseerde informatie. Iedereen heeft recht op zijn mening, maar niet alle meningen zijn even goed onderbouwd. Voor we het weten, lopen we vast in een moeras van meningen

In het boek Factfulness gaat wijlen Hans Rosling de strijd aan met onwetendheid. Een ongefundeerd wereldbeeld kan bijgesteld worden door feitenkennis. Isabel Carrion, Sonia Frey en Paul Hautekiet lazen het boek en schoven met HRmagazine aan tafel voor een gesprek over feiten, analyses en de HR-praktijk. (p. 8)

De link met de HR-praktijk is niet altijd even comfortabel voor de HR-directeurs. HR loopt dikwijls achter met het leveren van ‘facts and figures’ om beslissingen te ondersteunen. HR maakt nog onvoldoende gebruik van data en is nog niet klaar voor ‘big data’ en ‘predictive analytics’. Peoplemanagers geloven te sterk in het menselijke contact en het eigen buikgevoel. We moeten ons métier volledig heruitvinden en digitaliseren en moderniseren, zo zegt een van de gesprekspartners.

Eén gesprekspartner is er gerust in dat die digitalisering er snel komt, want “iedereen heeft een smartphone. Mensen laden exponentieel meer apps op. Ik zag daar bij mijn HR-équipes weinig weerstand tegen. Ik merk over het algemeen een versnelling binnen HR.” Waarbij ik bedenk: ja, digitalisering kan ons helpen om feiten te toetsen. Maar ze was vooral faciliterend voor sociale media, het platform voor de perceptie-oorlog die vandaag woedt. Daar domineert vandaag nog niet de uitwisseling van gefundeerde argumenten.

In dat kader blijft HRmagazine op zoek naar onderbouwde hr-praktijken. We bekeken in dit magazine de werking met enneagrammen (p. 26). Patrick Vermeren van Evidence Based HR mag al zijn sceptische registers opentrekken. Toch vinden nogal wat HR-professionals het instrument wel nuttig (dat was overigens ook de conclusie toen we eerder een artikel maakten rond het vage concept ‘betrokkenheid’ (hrmagazine.be). Het ziet er naar uit dat deze modellen een verdienste hebben: ze herinneren mensen eraan dat hun interpretatie van situaties zelden evident is voor anderen. Onze gesprekspartners verwerken onze boodschappen zelden op exact de manier die wij als zender bedoelen. Dat is dus een valabel uitgangspunt van systemen zoals ennegrammen, LIFO, MBTI enzovoort.

Maar academisch blijven de achterliggende typologieën niet overeind. Als ik het bureau van een collega binnenkom en ik zie een kleurencombinatie op zijn bureau, dan is het wellicht goed dat ik ga nadenken over de manier waarop ik mijn boodschap breng. Maar of ik ze dan kan vertalen in de boodschap die bij zijn kleurencombinatie past, betwijfel ik sterk.

Het zal veel believers een zorg wezen. Wat overblijft is een pil die op een bepaald moment wellicht een positief effect heeft, maar niet op de manier die de pillendraaier claimt. En beperkter. Heeft men daarvoor die dure pil wel nodig?