Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

VBO: Dalend loonaandeel gaat niet naar dividenden, maar naar investeringen en belastingen

VBO: Dalend loonaandeel gaat niet naar dividenden, maar naar investeringen en belastingen

De voorbije decennia is het loonaandeel, d.i. het deel van de toegevoegde waarde dat naar lonen gaat, in de meeste geïndustrialiseerde landen afgenomen. Volgens de vakbonden stoppen aandeelhouders dus meer winst in hun zakken. Werkgevers wijzen erop dat bedrijven eigenlijk meer investeren en meer winstbelasting betalen.

Ook het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) stelt vast dat het loonaandeel in de meeste geïndustrialiseerde landen daalde. In Duitsland slonk dit van bijna 64% in 1995 tot iets meer dan 59% in 2017. In Nederland en België van 63% in 1995 tot 60,5% in 2017, schrijft Edward Roosens, hoofdeconoom van het VBO, in een analyse.

Investeringen

Edward Roosens stelt daar tegenover dat de rendabiliteit (na afschrijvingen en belastingen) op het in onze bedrijven geïnvesteerd kapitaal in 2017 nauwelijks hoger lag dan het gemiddelde sinds 1995. "Er moet immers steeds meer en vooral steeds frequenter geïnvesteerd worden, wat leidt tot hogere afschrijvingen. Van de geboekte winst gaat de laatste jaren bovendien steeds meer naar belastingen. Van de resterende winst wordt de laatste jaren ook steeds meer gereserveerd in het bedrijf voor toekomstige investeringen, wat erop wijst dat de investeringsperspectieven in België aanzienlijk verbeterd zijn.”

Afschrijvingen

Terwijl het loonaandeel in de meeste geïndustrialiseerde landen effectief afnam, steeg het bruto-exploitatieoverschot. Ook in België, namelijk van 37,2% in 1995 tot 43,1% in 2017. De toename van het bruto-exploitatieoverschot was evenwel de voorbije jaren vooral nodig om meer te kunnen investeren, zegt het VBO. De afschrijvingen, die in 1995 maar 16,5% van de toegevoegde waarde uitmaakten, waren in 2017 al goed voor 20,7% ervan.

Kortere afschrijftermijnen

Dit komt doordat investeringen in digitale oplossingen of producten relatief korte afschrijvingstermijnen hebben zodat er frequenter en dus gemiddeld ook meer moet worden geïnvesteerd om technologisch mee te zijn met de concurrentie.

Bovendien investeren Belgische bedrijven meer dan in andere landen in automatisering. Ze willen de arbeidsproductiviteit verhogen om de relatief sterke automatische loonkostenstijgingen te compenseren. Die loonkosten tegen door loonindexering en baremieke verhogingen.

Meer directe winstbelastingen

Belgische bedrijven betalen ook steeds meer directe belastingen op hun winsten. Die stegen van 3,2% van hun toegevoegde waarde in 1995 tot 5% in 2016 en zelfs 6% in 2017 (al speelt in die laatste stijging wel de tijdelijke factor mee van de toegenomen voorafbetalingen). Die structurele toename speelde zich vooral af sinds de financiële crisis en heeft te maken met het aanscherpen van de internationale fiscale regels (o.a. de OESO-afspraken die de erosie van de belastbare basissen door optimaliserende winstverschuivingen tegengaan (BEPS)) en, enkel in België, de afnemende invloed van de notionele intrestaftrek door de daling van de langetermijnrentes.

Wat er dus écht beschikbaar is om geleend kapitaal en risicokapitaal te vergoeden en/of om in het bedrijf te herinvesteren is per saldo afgenomen van 17,5% van de toegevoegde waarde in 1995 tot 16,5% in 2016 en 15,8% in 2017, concludeert het VBO.