Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

VBO: aanpassingen tweede pensioenpijler verzwaren beheer

VBO: aanpassingen tweede pensioenpijler verzwaren beheer

De Kamer van Volksvertegenwoordigers heeft de voorwaarden gewijzigd voor de opbouw van de tweede pensioenpijler. Zo wordt de minimumleeftijd van 25 jaar voor de toetreding afgeschaft en valt de drempelperiode van 1 jaar voor het verwerven van aanvullende pensioenrechten weg. Het VBO meent dat de minister van Pensioenen in zijn ontwerp verder gaat dan wat Europa vraagt en waarschuwt voor administratieve overlast en extra kosten.

Rompslomp

Met dit nieuwe wetsontwerp moeten alle werknemers vanaf dag één aangesloten worden en beginnen ze onmiddellijk pensioenrechten op te bouwen, terwijl de richtlijn een periode van drie jaar toelaat.

Door het afschaffen van alle aansluitingsvoorwaarden en de voorwaarden voor het verwerven van aanvullende pensioenrechten moeten werkgevers voor elke werknemer – ook al heeft die maar kort bij hen gewerkt − een dossier bijhouden. Dat betekent een enorme administratieve overlast.

Werkgevers worden verplicht om, wanneer het opgespaarde bedrag bijzonder klein is, deze fondsen te blijven beheren aan 0% rendementsgarantie voor een periode van 40 jaar, voor ze onder de huidige wetgeving deze bedragen kunnen liquideren. Hier ook maakt de regering geen gebruik van de optie die de richtlijn biedt om kleine bedragen aan opgebouwde rechten direct uit te betalen bij uitdiensttreding.

Is het verworven bedrag lager is dan 150 euro, dan heeft de werknemer geen keuze: de werkgever moet dit aanvullend pensioen blijven beheren, maar hoeft de werknemer niet meer te informeren dat hij die reserves kan overdragen of kan opteren voor een overlijdensdekking. Het VBO was voorstander om het bedrag te liquideren zodra de overeenkomst afloopt, zoals de richtlijn voorzag.

Tegen gold plating

Deze nieuwe wet gaat in op 1 januari 2019 voor elke werknemer in de private sector, terwijl het oorspronkelijke wetsontwerp nog uitging van 21 mei 2018 voor werknemers die vanaf die datum in dienst zouden treden.

Hoewel het VBO steeds voorstander is van een solide pensioenstelsel met drie pijlers (wat je zelf opbouwt via je loopbaan in het wettelijk pensioen, het aanvullend pensioen en het individueel pensioensparen), is het tegen gold plating. Een te rigide en te complexe wetgeving belemmert de ontwikkeling van de tweede pijler, zeker in de huidige onzekerheid over de lage rentevoet (cf. de Belgische problematiek rond het gewaarborgd rendement) en het harmoniseringstraject tussen arbeiders en bedienden.