Ga naar de inhoud
Let op: Om de gebruikerservaring op deze site te verbeteren gebruiken we cookies.

Mobiliteitsbudget zou nauwelijks auto's van de weg halen

Mobiliteitsbudget zou nauwelijks auto's van de weg halen

Een mobiliteitsbudget zou nauwelijks bedrijfswagens van de weg halen, zo blijkt uit een bevraging in opdracht van SD Worx en Vacature. Acht op de tien werknemers zouden dezelfde wagen houden (60%) of een kleinere nemen (20%). Slechts vijf procent zou kiezen voor andere vervoersoplossingen. 

Keuzevrijheid

Voor alle duidelijkheid, over het mobiliteitsbudget bestaat vandaag nog geen concrete wetgeving. Een regeling is vandaag dus nog niet aan de orde. In het geval van het mobiliteitsbudget stelt de werkgever zijn medewerkers een budget ter beschikking om hun verplaatsing naar het werk te bekostigen. Werknemers krijgen de keuzevrijheid en de financiële middelen om te beslissen met welk(e) vervoersmiddel(en) ze naar het werk pendelen. De maatregel biedt meer flexibiliteit dan de mobilitetsvergoeding (zie verder). Bedrijven kunnen het idee van een mobiliteitsbudget wel al toepassen via een cafetariaplan dat de medewerker de keuze geeft om een bepaald budget te spenderen aan een waaier van mobiliteitsoplossingen. 

Budget breder impact

Aangezien een mobiliteitsbudget niet uitsluitend gericht hoeft te zijn op werknemers met een bedrijfswagen zou deze maatregel ook een impact kunnen hebben op pendelaars in het algemeen. Zo zegt bijna één op de vijf (18%) van de pendelaars zonder bedrijfswagen dat hij anders naar het werk zou gaan indien hij een mobiliteitsbudget aangeboden zou krijgen. 33% zou kiezen voor een combinatie van fiets, openbaar vervoer of wagen, 29% zou volledig overschakelen naar de fiets, 17% zou met de wagen gaan en 14% met het openbaar vervoer.

Minder interesse voor mobiliteitsvergoeding

De regering diende op 10 januari wel al een wetsontwerp in bij de Kamer voor een mobiliteitsvergoeding. Die mobiliteitsvergoeding (gekend als cash-for-carprincipe) laat werknemers met een bedrijfswagen toe om die in principe sinds 1 januari 2018 in te ruilen voor een extra bedrag in cash dat sociaal en fiscaal gunstig behandeld wordt. De mobiliteitsvergoeding kan echter op minder animo rekenen bij pendelaars met een bedrijfswagen. Slechts 16% heeft interesse. De weerstand kent verschillende redenen: 53% zegt niet op een andere manier dan met de (bedrijfs)wagen op het werk te geraken, 46% zegt de wagen nodig te hebben voor het werk, 36% houdt van het comfort van een bedrijfswagen en 35% vreest dat het bedrag van de mobiliteitsvergoeding te laag zal zijn.

Onbekend en onbemind

Zowel het mobiliteitsbudget als de mobiliteitsvergoeding beoogt budgetneutraliteit voor zowel werkgever, werknemer als de overheid, maar beide blijken nog niet goed gekend door werknemers en werkgevers. De vergoeding is wat minder onbekend. Opvallend: zeven op tien werknemers weten niet of hun werkgever een vergoeding aanbiedt. Werkgevers krijgen ook weinig vragen: slechts een op de vijf kreeg al vragen over een mobilteitsvergoeding, bij kmo's zelfs maar een op de tien.